Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player

 

De Europese Unie is de voorbije jaren erg van uitzicht veranderd. Er kwamen nieuwe landen bij. De spelregels die de werking van de EU moeten regelen, bleken niet altijd aangepast aan een politieke structuur van 27 lidstaten. De Europese integratie sputterde, en de kritiek op het beleid dat de lidstaten via de EU voerden groeide. Dat leidde ertoe dat het Hervormingsverdrag, en later het Verdrag van Lissabon, nog steeds niet is omgezet. Dat Verdrag zou – ondanks alle terechte kritiek die erop kan gegeven worden – nochtans een belangrijke stap vooruit kunnen betekenen. Maar de laatste stap mag het zeker niet zijn. Terwijl de EU soms stilstond, was dat met de wereld niet het geval. Waar we in de Koude Oorlog een wereld met twee grote blokken hadden, en het na de val van de Muur wel eens leek alsof er nog maar één grootmacht was, gaan we nu naar een wereld met verschillende grote sterke polen, waarvan de EU er een is. De huidige EU is echter nog niet in staat de rol te spelen die nodig is om de globalisering een andere, meer duurzame en rechtvaardige richting uit te duwen. De veranderingen in die grote wereld hebben echter steeds meer gevolgen dichtbij. Zo groeide de voorbije jaren het besef van de ernst en de omvang van de klimaatcrisis. Stap voor stap bereidt de EU zich voor op een koolstofarme toekomst, met een totaal ander energiesysteem. Dat de ecologisten al vele jaren geleden opriepen om op doortastende wijze te reageren op de klimaat- en energie-uitdaging blijkt nu eens te meer een uiting van toekomstgericht realisme. Alle partijen hebben zich ondertussen min of meer ‘bekeerd’ tot een groene boodschap. Zonder de groene partijen zou dat nog veel langer geduurd hebben, en nu is er meer dan ooit nood aan sterke groene partijen die de anderen bij de les kunnen houden en zo voorkomen dat hun ‘groene’ imago enkel cosmetica zal zijn. Tegelijk is ook de overtuiging gegroeid dat een uitdaging van de omvang van de klimaatcrisis enkel kan aangepakt worden op een hoger niveau dan de nationale staten. De snel veranderende werkelijkheid bewijst alleen maar dat we absoluut een sterk en slagkrachtig Europa nodig hebben.


Voor velen is de EU ondertussen ‘gewoon’ en zelfs een beetje saai geworden. Dat is ten dele het bewijs van het succes van de Unie. Er is immers al erg veel bereikt. Er zijn sterke Europese milieuwetten gekomen. Consumenten zijn erop vooruit gegaan. Zonder de euro zouden veel lidstaten de voorbije maanden nergens gestaan hebben in hun verweer tegen de financiële crisis. De EU was en is voor ons nog altijd een vredesproject. Het feit dat zoveel landen, die elkaar in de Twintigste Eeuw nog tot de dood bekampt hebben, nu samen wetten maken en door hun parlementsleden die in één halfrond zetelen laten stemmen, blijft een historische prestatie zonder weerga. Europa werd terug herenigd, en al lijkt dat ondertussen vanzelfsprekend, het is het niet. En toch groeide de voorbije jaren de kritiek op de Europese Unie. Net op het moment dat we stappen vooruit zouden moeten kunnen zetten, willen velen het integratieproces stil leggen of zelfs terugdraaien, wat een kapitale vergissing zou zijn. Veel EU-burgers voelen zich niet meer verbonden met het Europese project, en met een groot deel van hun kritiek hebben ze ook gelijk. Er blijft een structureel onevenwicht in de EU en er is een probleem van ‘depolitisering’. De EU heeft sterk ingezet op een integratie van markt en munt - wat in veel opzichten een goede zaak is – maar nog veel te weinig op een integratie van de politieke en sociale omkadering die daarvoor nodig is. Hoewel dat vooral de verantwoordelijkheid is van de lidstaten, waarvan een groot deel tot nu toe systematisch weigerde om meer sociale bevoegdheden toe te kennen aan de EU, geven veel burgers de EU zelf de schuld. Hopelijk kan de ervaring van de financieel-economische crisis meer mensen ervan overtuigen dat enkel een economisch-monetaire integratie, zonder een volwaardige sociaal-ecologische en politieke integratie, niet kan werken. Pas als meer mensen concreet zullen ervaren dat de EU ook een sociale ruimte is, zullen ze ook meer vertrouwen krijgen. Er is dus nood aan meer, en vooral betere integratie.


Europa kan en moet beter. De kritiek van velen op de Europese politiek is in dat opzicht correct. Maar niet alle antwoorden zijn dat. Een aantal groepen maakt gebruik van het ongenoegen bij veel burgers om ‘gemakkelijke’ antwoorden te geven. Enerzijds is er de roep naar ‘renationalisering’. Bewust wordt een beeld gecreëerd als zou de EU te ‘groot’ zijn. De EU verzwakken en de nationale staten terug in ere herstellen zou het antwoord zijn. In veel opzichten kunnen op dit moment de Europese staten enkel nog maar bestaan omdat er een EU is. Denken dat het terugschroeven van de Europese integratie ook nog maar een begin van antwoord zou zijn op de immense uitdagingen van de globalisering is een gevaarlijke fictie, die hopelijk ondertussen voldoende is weerlegd door de financieel-economische crisis. Anderzijds is er de verleiding van het populisme. In plaats van burgers rustig en eerlijk uit te leggen waarom we politiek moeten kunnen voeren op internationaal niveau om mensen op lokaal niveau een beter leven te geven, kiezen sommigen voor de gemakkelijke weg van het populisme. Onder het mom van de ‘stem van het volk’ of ‘wat niet mag gezegd worden’ krijgen migranten of burgers van de nieuwe lidstaten de schuld van de economische problemen, wordt de internationale wetenschappelijke consensus over de klimaatverandering hooghartig als een farce afgewezen, worden culturele verschillen systematisch voorgesteld als onoverbrugbaar, of wordt een kil nationaal egoïsme zonder scrupules gepromoot. De EU nu afbouwen, of toegeven aan het populisme zal vooral niet leiden tot meer sociale bescherming, zal niet zorgen voor meer veiligheid, zal niet de basis zijn voor meer werkgelegenheid en zal niet via een of andere magische goocheltruc ervoor zorgen dat alle ‘anderen’ uit het straatbeeld verdwijnen, integendeel. Kiezen voor een sterke Europese democratie, waarin regio’s, nationale staten en EU alle hun rol spelen en de taken verdelen, kan dat wel. Of dat lukt, hangt dan vervolgens af van de vraag of men in die Europese democratie ook de juiste politieke keuzes maakt. Er is dus nood aan een sterke en veelkleurige Europese democratie. En in het hart van een dergelijk positief-kritisch Europa zijn de Groenen een onmisbare kracht.

Bart Staes

Popularity: 9% [?]

De Europese Unie is de voorbije jaren erg van uitzicht veranderd. Er kwamen nieuwe landen bij. De spelregels die de werking van de EU moeten regelen, bleken niet altijd aangepast aan een politieke structuur van 27 lidstaten. De Europese integratie sputterde, en de kritiek op het beleid dat de lidstaten via de EU voerden groeide. Dat leidde ertoe dat het Hervormingsverdrag, en later het Verdrag van Lissabon, nog steeds niet is omgezet. Dat Verdrag zou – ondanks alle terechte kritiek die erop kan gegeven worden – nochtans een belangrijke stap vooruit kunnen betekenen. Maar de laatste stap mag het zeker niet zijn. Terwijl de EU soms stilstond, was dat met de wereld niet het geval. Waar we in de Koude Oorlog een wereld met twee grote blokken hadden, en het na de val van de Muur wel eens leek alsof er nog maar één grootmacht was, gaan we nu naar een wereld met verschillende grote sterke polen, waarvan de EU er een is. De huidige EU is echter nog niet in staat de rol te spelen die nodig is om de globalisering een andere, meer duurzame en rechtvaardige richting uit te duwen. De veranderingen in die grote wereld hebben echter steeds meer gevolgen dichtbij. Zo groeide de voorbije jaren het besef van de ernst en de omvang van de klimaatcrisis. Stap voor stap bereidt de EU zich voor op een koolstofarme toekomst, met een totaal ander energiesysteem. Dat de ecologisten al vele jaren geleden opriepen om op doortastende wijze te reageren op de klimaat- en energie-uitdaging blijkt nu eens te meer een uiting van toekomstgericht realisme. Alle partijen hebben zich ondertussen min of meer ‘bekeerd’ tot een groene boodschap. Zonder de groene partijen zou dat nog veel langer geduurd hebben, en nu is er meer dan ooit nood aan sterke groene partijen die de anderen bij de les kunnen houden en zo voorkomen dat hun ‘groene’ imago enkel cosmetica zal zijn. Tegelijk is ook de overtuiging gegroeid dat een uitdaging van de omvang van de klimaatcrisis enkel kan aangepakt worden op een hoger niveau dan de nationale staten. De snel veranderende werkelijkheid bewijst alleen maar dat we absoluut een sterk en slagkrachtig Europa nodig hebben.


Voor velen is de EU ondertussen ‘gewoon’ en zelfs een beetje saai geworden. Dat is ten dele het bewijs van het succes van de Unie. Er is immers al erg veel bereikt. Er zijn sterke Europese milieuwetten gekomen. Consumenten zijn erop vooruit gegaan. Zonder de euro zouden veel lidstaten de voorbije maanden nergens gestaan hebben in hun verweer tegen de financiële crisis. De EU was en is voor ons nog altijd een vredesproject. Het feit dat zoveel landen, die elkaar in de Twintigste Eeuw nog tot de dood bekampt hebben, nu samen wetten maken en door hun parlementsleden die in één halfrond zetelen laten stemmen, blijft een historische prestatie zonder weerga. Europa werd terug herenigd, en al lijkt dat ondertussen vanzelfsprekend, het is het niet. En toch groeide de voorbije jaren de kritiek op de Europese Unie. Net op het moment dat we stappen vooruit zouden moeten kunnen zetten, willen velen het integratieproces stil leggen of zelfs terugdraaien, wat een kapitale vergissing zou zijn. Veel EU-burgers voelen zich niet meer verbonden met het Europese project, en met een groot deel van hun kritiek hebben ze ook gelijk. Er blijft een structureel onevenwicht in de EU en er is een probleem van ‘depolitisering’. De EU heeft sterk ingezet op een integratie van markt en munt – wat in veel opzichten een goede zaak is – maar nog veel te weinig op een integratie van de politieke en sociale omkadering die daarvoor nodig is. Hoewel dat vooral de verantwoordelijkheid is van de lidstaten, waarvan een groot deel tot nu toe systematisch weigerde om meer sociale bevoegdheden toe te kennen aan de EU, geven veel burgers de EU zelf de schuld. Hopelijk kan de ervaring van de financieel-economische crisis meer mensen ervan overtuigen dat enkel een economisch-monetaire integratie, zonder een volwaardige sociaal-ecologische en politieke integratie, niet kan werken. Pas als meer mensen concreet zullen ervaren dat de EU ook een sociale ruimte is, zullen ze ook meer vertrouwen krijgen. Er is dus nood aan meer, en vooral betere integratie.


Europa kan en moet beter. De kritiek van velen op de Europese politiek is in dat opzicht correct. Maar niet alle antwoorden zijn dat. Een aantal groepen maakt gebruik van het ongenoegen bij veel burgers om ‘gemakkelijke’ antwoorden te geven. Enerzijds is er de roep naar ‘renationalisering’. Bewust wordt een beeld gecreëerd als zou de EU te ‘groot’ zijn. De EU verzwakken en de nationale staten terug in ere herstellen zou het antwoord zijn. In veel opzichten kunnen op dit moment de Europese staten enkel nog maar bestaan omdat er een EU is. Denken dat het terugschroeven van de Europese integratie ook nog maar een begin van antwoord zou zijn op de immense uitdagingen van de globalisering is een gevaarlijke fictie, die hopelijk ondertussen voldoende is weerlegd door de financieel-economische crisis. Anderzijds is er de verleiding van het populisme. In plaats van burgers rustig en eerlijk uit te leggen waarom we politiek moeten kunnen voeren op internationaal niveau om mensen op lokaal niveau een beter leven te geven, kiezen sommigen voor de gemakkelijke weg van het populisme. Onder het mom van de ’stem van het volk’ of ‘wat niet mag gezegd worden’ krijgen migranten of burgers van de nieuwe lidstaten de schuld van de economische problemen, wordt de internationale wetenschappelijke consensus over de klimaatverandering hooghartig als een farce afgewezen, worden culturele verschillen systematisch voorgesteld als onoverbrugbaar, of wordt een kil nationaal egoïsme zonder scrupules gepromoot. De EU nu afbouwen, of toegeven aan het populisme zal vooral niet leiden tot meer sociale bescherming, zal niet zorgen voor meer veiligheid, zal niet de basis zijn voor meer werkgelegenheid en zal niet via een of andere magische goocheltruc ervoor zorgen dat alle ‘anderen’ uit het straatbeeld verdwijnen, integendeel. Kiezen voor een sterke Europese democratie, waarin regio’s, nationale staten en EU alle hun rol spelen en de taken verdelen, kan dat wel. Of dat lukt, hangt dan vervolgens af van de vraag of men in die Europese democratie ook de juiste politieke keuzes maakt. Er is dus nood aan een sterke en veelkleurige Europese democratie. En in het hart van een dergelijk positief-kritisch Europa zijn de Groenen een onmisbare kracht.

Popularity: 5% [?]

Enkele voorstellen voor een democratisering van de Europese Unie.


* Indien nieuwe onderhandelingen nodig zijn om in alle EU-landen goedkeuring te krijgen voor het Verdrag van Lissabon, mag daarbij de vooruitgang op het vlak van democratie, rechtsbescherming en transparantie niet worden teruggeschroefd.

* Nog in zijn komende zittingsperiode neemt het Europees Parlement het initiatief tot een nieuwe Conventie. Haar opdracht is brede overeenstemming te bereiken over het verder democratiseren van de EU. De nationale vertegenwoordigers in de Conventie, twee per lidstaat, worden door de burgers gekozen. Ook de Europese instellingen zijn vertegenwoordigd.

* Binnen de Conventie maakt het EP zich sterk voor:

- Europese kieslijsten: Europese politieke partijen strijden om een deel van de zetels in het EP, hun lijsttrekkers om het voorzitterschap van de Europese Commissie;

- een EU-president, gekozen door het EP, die het voorzitterschap van de Europese Commissie en de Europese Raad combineert;

- de garantie dat geen enkele Europese wet kan worden aangenomen zonder goedkeuring van het EP;

-versterking van het initiatiefrecht van het EP en van zijn controle op het buitenlands beleid van de EU;

- het formele recht van het EP om individuele eurocommissarissen te benoemen en te ontslaan;

- het recht van het EP om zijn eigen zetel te kiezen: Brussel;

- Europawijde referenda, bij voorkeur correctief;

- uitbreiding van de rechtsmacht van het Europees Hof van Justitie en betere toegang tot het Hof voor maatschappelijke organisaties.


*  Democratisering omvat op korte termijn:

- spannender debatten in het EP, met minder sprekers en meer interrupties;

- een transparante wetgevingsprocedure: informele compromissen tussen Raad en EP worden tot een minimum beperkt;

- het wegsturen van falende eurocommissarissen door het EP;

- zo spoedig mogelijke invoering van het Europees burgerinitiatief, met deelname van jongeren en de mogelijkheid om digitaal handtekeningen in te zamelen;

- een betere Europese Wet Openbaarheid van Bestuur en duidelijker informatievoorziening via internet;

- een representatievere samenstelling van Europese adviescomités;

- uitgebreidere raadpleging van het maatschappelijk middenveld door de Europese instellingen, met een beter oor voor kleinere organisaties en nieuwe lidstaten;

- een verplicht, openbaar register voor lobbyisten bij de Europese instellingen, dat vermeldt wie hun opdrachtgevers zijn en hoeveel zij betalen;

- een groter aantal vrouwen op topposities; daartoe geeft elke lidstaat die een eurocommissaris mag voordragen de (beoogd) Commissievoorzitter keuze uit twee kandidaten, onder wie minstens één vrouw;

- het gelijktijdig houden van de Europese verkiezingen, bijvoorbeeld door de stembussen in alle EU-landen op zaterdag en zondag open te stellen.


Popularity: 7% [?]

In het kader van de strijd tegen terrorisme zijn er vergaande bevoegdheden op het vlak van justitie en politiediensten bijgekomen die privacy van burgers niet ten goede komen. Daarom enkele voorstellen om privacy te beschermen.

 

* De Europese bewaarplicht voor telecomgegevens wordt geschrapt.

* De EU scherpt haar privacyregels voor internet aan. Zoekmachines mogen niet langer persoonlijke gegevens van gebruikers opslaan, waaronder IP-nummers, zonder hun uitdrukkelijke toestemming.

* Het verdrag tussen de EU en de Verenigde Staten over de doorgifte van vliegtuigpassagiersgegevens (PNR) wordt vervangen door een beter verdrag dat gevoelige persoonsgegevens uitsluit, de bewaartijd verkort en voldoende inzage- en correctiemogelijkheden biedt.

* Er komt geen EU-systeem voor de doorgifte en opslag van PNR.

* De privacyregels voor bestaande EU-databanken, zoals het Schengen Informatiesysteem, worden aangescherpt.

* De EU maakt strikte regels voor identificatie met radiogolven: RFID-labels in consumentenproducten worden uitgeschakeld zodra deze de winkel verlaten.

* Er komt een gecoördineerde aanpak van identiteitsfraude en betere ondersteuning van slachtoffers. Banken, creditcardmaatschappijen en andere houders van persoonsgegevens worden verplicht diefstal daarvan te melden aan hun klanten en aan de politie.

* Nieuwe initiatieven, zoals betalen met vingerafdruk, worden getoetst op fraudegevoeligheid.

* We zijn tegen het gebruik van biometrische data in RFID-chips op Europese paspoorten.

Popularity: 8% [?]

Bart's Blog

Heel erg bedankt!

staes_bartHet was voor mezelf en velen van jullie heel erg spannend. Uiteindelijk haalde ik de negende Vlaamse zetel op dertien. De tiende was voor Ivo Belet van CD&V, de elfde voor Derk-Jan Eppink (LDD), de twaalfde voor Dirk Sterckx (Open VLD) en de dertiende voor Said Al Khadraoui van SP.A.

Ik ben tevreden met mijn resultaat: 97.036 voorkeurstemmen op een totaal van 322.149 stemmen. Voor het Vlaams Parlement halen we 278.211 stemmen. We scoorden dus Europees zeer goed.

Maar ik ben ook heel blij met de resultaten van de groene partijen elders. De Groene groep in het EP zal fors uitbreiden. In het vorige parlement zetelden 43 leden, waarvan 35 groenen. In de komende periode nu al zeker 53, waarvan minstens 46 groenen. Ook de regionalisten van de EVA deden het goed: die groeien van 5 tot minstens 7 leden. De Oostenrijkers vaardigen opnieuw twee parlementsleden af. Ecolo stijgt van 1 naar 2. De Fransen stijgen van 6 naar 14. De Duitsers van 13 naar 14. Voor het eerst zal een Griekse groene in het EP zetelen. De Luxemburgers behouden hun zetel. GroenLinks van Nederland stijgt van 2 naar 3. De Catalaanse groenen behouden hun zetel. De Zweedse groenen verdubbelen hun aantal van 1 tot 2, net zoals de Finse groenen. En de Engelse groenen behouden hun twee zetels. Een fantastisch resultaat dus.

De nieuwe fractie komt voor het eerst bijeen volgende week op 16 juni. Tijd dus om even te recupereren. Maar ik kan jullie garanderen dat ik er de komende vijf jaar weer keihard tegenaan zal gaan.

Groene groeten en nogmaals: bedankt voor alle steun, elke aanmoediging en de vele gelukwensen,

Bart Staes

Popularity: 100% [?]

Dreamteam

LOGIN